De zes museumhuizen staan verspreid door het hele land en laten meerdere eeuwen Nederlandse woongeschiedenis zien.
Buitenplaats Beeckestijn in Velsen-Zuid is een toonbeeld van de 18de-eeuwse buitenplaatscultuur. Het is één van de weinige bewaard gebleven grote buitens die aan de duinrand in Kennemerland werden gesticht als zomerverblijven voor rijke Amsterdamse regenten. In de permanente tentoonstelling ontdek je drie eeuwen bewonersgeschiedenis, rijkdom, verlies en koloniaal verleden. Rondom het huis ligt een van de best bewaarde historische tuinen van Nederland, met invloeden uit verschillende tuinstijlen. Van Frans-geïnspireerde geometrische tuinen uit het begin van de 18e eeuw tot een Engels landschapspark met slingerende paden uit het einde van diezelfde eeuw: hier wandel je door meerdere hoofdstukken tuingeschiedenis.
Huis Bartolotti werd rond 1620 gebouwd voor de rijke koopman Willem Bartolotti en is een van de meest bijzondere grachtenpanden van Amsterdam. Het pand valt op door de rijkversierde gevel, indrukwekkende zalen en unieke ligging in de bocht van de Herengracht, waardoor je het van twee kanten kunt bewonderen. Het interieur van het huis is enorm goed bewaard gebleven. Gebouwd in Hollandse renaissancestijl, vertelt het huis het verhaal van koopmansrijkdom en stedelijke grandeur. Een hoogtepunt van het huis is de spectaculaire zaal uit het midden van de 18e eeuw, rijk gedecoreerd met mahoniehouten houtsnijwerk, verfijnd stucwerk en plafondschilderingen in de laatste mode van toen: de rococo.
Huis Van Eysinga in Leeuwarden is een voorbeeld van een voorname stadswoning van een grietmansfamilie, de Friese elite, die de zomers op hun ‘states’ doorbrachten. Het huis is een gaaf voorbeeld van de Lodewijk XVI-stijl. In deze chique zalen en ontvangstkamers werd veel tijd doorgebracht en dat was niet alleen voor de gezelligheid. Tijdens de ontvangsten toonde de gastheer hoe invloedrijk hij was en was het voor de gasten belangrijk om gezien te worden. Je ziet hier ook de behangselschilderingen die in opdracht van Hendrick de Keyser Monumenten zijn gemaakt, gebaseerd op een familieportret van de familie Van Eysinga uit 1786, dat in dezelfde kamer werd geschilderd. Maar er is niet alleen pracht en praal te zien: in de personeelsvertrekken zie je hoe hard er werd gewerkt om het huis draaiende te houden.
Huis Barnaart in Haarlem – al sinds juli 2025 officieel erkend als museum – is in 1805 gebouwd in Franse empirestijl in opdracht van de 21-jarige Willem Philip Barnaart. Barnaart kwam uit een invloedrijke, Haarlemse koopmansfamilie en had verschillende openbare functies. Hij liet een huis bouwen dat zijn status onderstreepte, met rijke salons en een interieur volgens de toen hypermoderne Franse empirestijl. In dit indrukwekkende stadshuis, met een kamer in Etruskisch thema, een goud vergulde salon en zaal van imitatie-marmer stap je het Haarlem in van de vroege 19de eeuw.
Villa Rams Woerthe in Steenwijk neemt bezoekers mee naar het fin de siècle. De jugendstilvilla uit 1899 is een van de best bewaarde voorbeelden van art nouveau in Nederland, met glas-in-loodramen, gebogen lijnen en kleurrijke kamers. Binnen vind je een tropische plantenkas en een strikt gescheiden dienstdeel waar het personeel werkzaam was, buiten een uitgestrekt park in landschapsstijl met een vijver, slingerpaadjes en een theekoepel.
Huis Sloëtjes in Hilversum is zo op het oog een doodnormaal rijtjeshuis, maar dit huis is veel bijzonderder dan je denkt: bijna nooit zijn huis en interieur zo compleet bewaard gebleven als hier. De combinatie van het interieur en het familieverhaal geeft een intiem kijkje in het gezinsleven van de jaren ‘50 tot de jaren ‘80. Voor velen is het huis een feest van herkenning. Denk aan een keuken met een geblokte gootsteen, een bakelieten telefoon in de gang en kleurrijke Tomado wandrekjes met Dinky Toys.




